Woestijn?!
Veel mensen zoeken vandaag opnieuw naar geloof. Al het vanzelfsprekende is
weggevallen, God is bijna anoniem geworden, maar er is een hunkering gebleven.
Naar Hem, naar ontmoeting. Alleen, hoe wordt die gevonden?
Vaak heb je het gevoel te leven in een woestijn. Dor land. Er groeit bijna
niets en je komt er niemand tegen. Er zijn geen bronnen om uit te leven.
Ook mensen in de kerk overkomt dat. Een gevoel van ontheemd zijn. Je vindt
geen aansluiting meer. De kerk doet haar best natuurlijk, maar ze inspireert
niet. 't Raakt je niet. De woorden zijn afgesleten. .
Ik waag me niet aan een analyse van de situatie van vandaag. Er zouden allerlei
factoren te noemen zijn. De jaren '80 zijn voor velen een tijd van geestelijke
ademnood. Er is zoveel wat op ons afkomt en een beroep op ons doet zoveel
teleurstelling en ontmoediging ook - we komen er niet meer over tot rust en
weten er geen weg meer mee.
Temidden van alle consumptie zijn wij uitgeput en in de woestijn. Dat beeld
is niet overdreven.
Het zal er om gaan onze situatie onder ogen te zien. Te erkennen waar we zitten.
Waar ben ik vandaan gekomen en waar zit ik nu?
Misschien is het belangrijkste wel dat we ophouden met vluchten.
Je kunt wegvluchten in activisme, in cynisme, in comfortabel aan de kant gaan
staan -'ze zoeken het maar uit'. Maar dat zijn vluchtwegen. Je raakt jezelf
op die manier ook kwijt.
Het woord woestijn heeft in de bijbel een dubbele betekenis.
Het is enerzijds de plaats van verlatenheid en levensgevaarlijke uitputting;
maar anderzijds wordt ons verteld dat juist die woestijn de plek is waar God
zich laat vinden. Mozes heeft dat ervaren. En Elia, Johannes de Doper en Jezus.
Jezus zoekt de eenzaamheid van stille plaatsen zelfs op. Hij zoekt geregeld
afzondering en stilte. Hij raadt die ook z'n leerlingen aan: ga in je binnenkamer
en sluit de deur. Precies waar wij vaak tegen op zien, omdat we dan in onze
eigen woestenij terecht komen, precies dat adviseert Hij ons. Want Hij weet
van meer dan de verlatenheid. Hij weet van de ontmoeting in de stilte. Wij
zijn bang voor de afwezigheid. Hij verwijst naar de Aanwezigheid.
De woestijn als plek van verwachting.
Op elk ogenblik, vertrouw jezelf toe aan de Heilige Geest, en als je het vergeet,
geef jezelf opnieuw over. In de stilte van je hart en zelfs in de woestijn
waar je doorheen moet, spreekt de Heilige Geest tot je, soms met één
enkel woord.
Wanneer je teleurgesteld bent in je verwachtingen, zou je je dan door ontmoediging
en twijfel laten overrompelen? De Opgestane is aanwezig. Hij steekt je innerlijke
beproevingen, en je eigen doornen, in brand. En zelfs de stenen van je hart
kunnen in Hem gloeiend worden, licht in de duisternis.
Wanneer je denkt dat je niet begrepen wordt en niet bemind bent, zegt Christus
Jezus je onvermoeibaar: 'Weetje het wel? Ik heb je als eerste liefgehad. Heb
je mij lief?' En jij stamelt je antwoord: 'Ja, Jezus, ik heb je lief, misschien
niet op de manier die ik zou willen, maar ik heb je lief.' (Roger Schütz,
Taize)